In 2016 vond de landelijke Sinterklaasintocht plaats in Maassluis. Leden van actiegroep "Kick Out Zwarte Piet" (KOZP) wilden tijdens de intocht demonstreren tegen "Zwarte Piet". Onderweg naar Maassluis zijn zij door de politie in Rotterdam tegengehouden. De burgemeester van Rotterdam zou een dag eerder de demonstratie hebben verboden. Ook een spontane demonstratie in Rotterdam werd onder dwang beëindigd. 

De zaak waarin vandaag uitspraak is gedaan, zag op het demonstratieverbod dat de burgemeester op 11 november 2016 afkondigde. Hierdoor werden alle (geplande) demonstraties volledig verboden. KOZP vond deze maatregel disproportioneel en een schending van haar demonstratierecht en ging daarom in beroep. Eerder oordeelde de bezwaarschriftencommissie van de gemeente Rotterdam al dat het noodbevel dat de burgemeester de volgende dag uitvaardigde, op grond waarvan zo'n 200 demonstranten werden opgepakt, niet geldig was. Burgemeester Aboutaleb heeft dat advies destijds overgenomen. Een persbericht hierover vindt u hier.  

In de zaak van vandaag komt de rechtbank uiteindelijk tot het oordeel dat het demonstratieverbod van 11 november een proportionele maatregel was. Het beroep van KOZP wordt ongegrond verklaard. 

De rechtbank verwijt het de actiegroep met name dat zij vooraf geen kennisgeving aan de gemeente hebben gedaan over hun voornemen om te demonstreren. De rechtbank erkent weliswaar dat het ontbreken van zo'n kennisgeving onvoldoende basis biedt om een demonstratie te verbieden, maar volgens de rechtbank draagt het ontbreken van de kennisgeving wel bij aan de omstandigheden die het demonstratieverbod uiteindelijk rechtvaardigden. Opvallend is ook dat de rechtbank - in navolging van het standpunt van KOZP - in haar uitspraak benadrukt dat van de gemeente een extra inspanning mag worden verwacht op het moment dat een vreedzame demonstratie (van KOZP) dreigt te worden verstoord door tegendemonstranten. De rechtbank stelt:
"En weliswaar hebben eisers terecht gesteld dat van de bevoegde autoriteiten een extra inspanning mag worden verwacht als de vrijheid van betoging van een - zoals eisers zichzelf noemen - peaceful assembly door tegendemonstranten wordt "gegijzeld" (....)". Dit is een belangrijke overweging, aangezien demonstraties van KOZP in het verleden vaker "gegijzeld" zijn door tegendemonstranten (een recenter voorbeeld is de wegblokkade bij Dokkum). De rechtbank benadrukt in deze uitspraak dus nogmaals dat de autoriteiten in zo'n geval de vreedzame en legitieme betogers moeten beschermen tegen mogelijke tegendemonstranten. 

In een eerste reactie stelt KOZP: "Wij zijn vanzelfsprekend teleurgesteld in de uitspraak. Burgemeesters gaan steeds verder in het inperken van onze grondrechten en deze uitspraak kan ze voeden om het demonstratierecht verder uit te hollen. Het is al een risicovolle onderneming wanneer je in Nederland wilt demonstreren, zoals de Ombudsman eerder dit jaar in haar rapport vermeldde. Deze uitspraak maakt het er niet veiliger op voor KOZP en andere burgers die een keer per jaar gebruik willen maken van hun vrijheid van meningsuiting tijdens de landelijke Sinterklaasintocht met zwarte pieten. KOZP is overigens blij met de overweging van de rechtbank dat vreedzame demonstraten het recht hebben om beschermd te worden tegen tegendemonstranten. Wij hopen dan ook dat deze zorg serieus wordt genomen en dat gemeenten deze aanwijzing in de toekomst ter harte nemen.

KOZP bestudeert momenteel de uitspraak en kan nog niet zeggen of het in hoger beroep zal gaan. Een kopie van de uitspraak en het persbericht van de rechtbank staan op rechtspraak.nl.

Heeft u een vraag?

Lees in onze privacy verklaring hoe wij omgaan met uw persoonlijke gegevens.

Prakken d’Oliveira is een advocatenkantoor met expertise in en ervaring met asielrecht en regulier vreemdelingenrecht, Europees recht, bestuursrecht, (internationaal) strafrecht en mensenrechten. Onze advocaten verlenen advies en procederen in bezwaar bij de IND of de CTIVD, of voor rechtbank, gerechtshof, de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State, in cassatie voor de Hoge Raad, het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM), het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJEU), de Verdragscomités van de Verenigde Naties, het Internationaal Strafhof (ICC) en diverse internationale tribunalen.